DE VIJF VOCALEN

Thema uit de geschiedenis van De Vijf Vocalen


Winkels t/m de Wagenstraat


Dit eerste thema voert de lezer terug naar het jaar 1679, het geboortejaar van boekhandel Mensing en Visser en leidt vervolgens naar onze tijd.

We beginnen met een stukje algemene historie.

Tegelijk met de verplaatsing van de zaak der firma Mensing en Visser van de Wagenstraat naar Kneuterdijk 11 was het in juli e.k. (1932) ruim 250 jaar geleden dat deze Haagsche boekhandel ontstaan is in een huis aan de Schoolstraat, dat 'den 19en Juli 1679 gekocht werd door den boekhandelaar Gideon Backer'.
Hij had zijn leertijd volbracht bij Gerard Amelingh, boekverkooper in de Groote Zaal (de tegenwoordige Ridderzaal), waarin destijds 14 boekhandelaren hun standplaats hadden, welke Amelingh bekend is door zijn poging om Johan de Witt te redden. In 1677 werd Gideon Backer als Meester in het gilde opgenomen en vanaf 1706 Deken. Uit het feit dat hij zijn zaak 'De Vijf Vocalen' noemde, mag worden opgemaakt dat reeds toen schoolboeken een belangrijk deel van de omzet vormden.(P.A. Haaxman: Historische herinneringen(1932)



Hendrik Pothoven, tekening, 1760
Trekkingen van de Staatsloterij werden in de zaal gehouden. De boekverkopers, waaronder dus Gideon Backer, hadden stalletjes aan weerszijden van de zaal.


In 1707 overleed Gideon Backer en zijn schoonzoon Gerrit Winterswijk zete de zaak gedurende een halve eeuw voort.
Na diens overlijden bleek dat de Diaconie van het Haagsch Oude Mannen- en Kinderhuis erfgenaam was. Die verkocht het huis met het blauwe uithangbord met de gouden letters A E I O U aan Johannes Thiery. Die nam ook de verkoop van boeken over en associeerde zich met Cornelis Mensing. De Vijf Vocalen bleef vier geslachten eigendom van Thierry & Mensing. In 1850 verhuisde de zaak na ruim 170 Schoolstraat naar de Vlamingstraat.
Daar bleef de zaak niet lang, want de laatste Mensing vestigde zich in 1866 in de Wagenstraat 27. De zaak bleef dus wel in dezelfde buurt.
Van oudsher was deze buurt een centrum van handel en winkels. Rond de Grote Kerk waren onder andere de groentemarkt en de riviervismarkt. Het valt echter te betwijfelen of men het wat de klandizie betreft van de marktbezoekers moest hebben, want met een 'zootje' vis in de hand is het niet eenvoudig een boek in te kijken.
In 1875 werd de boekhandel overgedaan aan Maria Cornelia van Santen, weduwe van boekhandelaar M.J. Visser. Zij zette de zaak voor onder de naam Mensing & Visser. Op 1 januari 1893 werd ten overstaan van notaris Bodaan een vennootschap opgericht met de weduwe en haar zoon Jan Visser als venoten.

In de eerste decennia van de vorige eeuw breidde men de zaak uit tot en met de achterliggende Raamstraat.
Zoals uit dit taxatierapport blijkt was de waarde toen ƒ 45.000,-.

















In die tijd waren onder meer de 1e bediende J.C. Steen (rechts op de foto) en J. Sneep in de winkel werkzaam.

Zij voorzagen de boeken en pakketten van firma-etiketten.
Aanvankelijk waren deze uitgevoerd in een fraaie Art Nouveau stijl. Vanaf 1925 hanteerde men echter een versoberd ontwerp.











De afgebeelde Jacob Sneep heeft zijn carrière bij de boekhandel niet lang kunnen voortzetten. Per 1 januari 1924 is hij ontslagen.
Uitleg gaf M.J. Visser namens zijn vader in een brief aan vader Sneep. Gebleken was dat Jacob geregeld geld uit de kas 'leende' zonder dat te melden en ook niet altijd netjes terugbetaalde. Aanvankelijk moest hij alles wat hij verkocht af laten rekenen door collega's. Visser schreef verder:

Hij is nog eenigen tijd blijven hangen. Hij wist echter zelf veel te goed dat hij knoeide. Hij leefde op te grooten voet, rookte dure sigaretten, gaf vrij dure cadeaux, kocht een orgel en een fiets (beide weer verdwenen) en toen ik hem eens daarover onderhanden nam erkende hij het en beloofde beterschap; deze bleef echter uit.
Hij werd steeds minder handelbaar en hierdoor prikkelde hij mijn vader zo dat hij hem per 1 Januari opzegde.

Jacob Sneep zal niet de eerste zijn geweest die werd ontslagen en was zeker niet de laatste. In een later te belichten thema komen er nog enkele aan bod die min of meer tumultueus zijn vertrokken.

In de 20er jaren realiseerde Jan Visser die de zaak in 1908 van zijn moeder had overgenomen, een uitbreiding naar de Grote Marktstraat, toen nog een winkelstraat in wording.
Schuin tegenover de winkel werd in 1926 De Bijenkorf geopend, en er tegenover ontstond vanaf 1930 een groot filiaal van Peek & Cloppenburg. Op de hoek van de Wagenstraat en de Vlamingstraat was destijds de chique meubelzaak Pander gevestigd.

                                                                           Foto: Haagse Beeldbank

Door alle verbouwingen en uitbreidingen richting Raamstraat was de winkel een pijpenla. Rond 1930 was Jans' zoon Marie Johan na 26 jaar in de zaak klaargestoomd om de boekhandel voort te zetten en - zoals dat vaker gaat als er nieuwe leiding komt - wilde hij verandering en besloot om te gaan verhuizen naar een pand dat niet zozeer in een winkelstraat lag, maar wel veel meer ruimte bood.

Allereerst moest natuurlijk het pand aan de Wagenstraat nog worden verkocht.
In een brief aan een potentiële koper (Uitrechtenaar J. van Schuppen)schrijft Visser dat hij zijn vader heeft kunnen bewegen de Wagenstraat 27, Grote Marktstraat 30-32 inclusief tuin en erven aan te bieden voor ƒ 225.000.
Een forse verhoging ten opzichte van de taxatie van tien jaar eerder.
En dan ook met de bepaling dat er bij nieuwbouw tot 1950 geen boekhandel in mag komen.

De koop gaat niet door en uiteindelijk koopt Pander het pand.
Na 66 jaar Wagenstraat brengen de verhuiswagens de boeken en administratie naar de Kneuterdijk 11.